
Speelveld voor robots van de toekomst
Geen sciencefiction, maar realiteit: van woensdag 13 tot en met vrijdag 15 mei strijkt de European Robotics League (ERL) neer op de boulevard van Scheveningen. “We verlaten bewust het testlab”, zegt Inge Rehorst, projectmanager bij euRobotics. “Juist hier, tussen mensen, gebeurt het echte leren.”
De ERL is te vergelijken met de Champions League van de robotica. Het is een Europese competitie waarin universiteiten en technologiebedrijven hun robots laten samenwerken in realistische situaties: onderhoud, logistiek, veiligheid en zorg. De competitie komt voort uit eerdere vanuit de EU gefinancierde projecten en heeft één duidelijke missie: laten zien wat robots nú al kunnen betekenen voor onze samenleving; begrijpelijk, zichtbaar en toegankelijk voor iedereen.
Scheveningen als living lab
Dat juist Scheveningen het decor vormt, is geen toeval. De boulevard fungeert al jaren als zogenoemd Living Lab: een proeftuin waar de Gemeente Den Haag samen met bewoners, bedrijven en kennisinstellingen experimenteert met slimme technologie. “We kijken hoe technologie de stad leefbaarder, duurzamer en prettiger kan maken", vertelt Tijn Kuyper, werkzaam bij het team Digitale Innovatie en Smart City van de gemeente. Van slimme sensoren die drukte meten tot experimenten met robots en drones: de boulevard is een plek waar kan worden getest, geleerd én gefaald. En juist dat laatste is volgens Tijn essentieel. “Als gemeente durven we te experimenteren en zijn wij voorloper wat betreft Smart City. Maar niet alles hoeft meteen perfect. Wat leren we, wat hebben bewoners eraan, en wat vraagt dit van regels en infrastructuur?”
Laagdrempelig en voor iedereen
Wat ERL 2026 bijzonder maakt, is de nadruk op toegankelijkheid. Geen afgesloten congres of hightech hal, maar een open evenement waar voorbijgangers kunnen blijven kijken, vragen stellen en zelfs meedoen. Inge: “We willen robots uit de sfeer van ‘eng’ en ‘onbegrijpelijk’ halen. Mensen mogen zien hoe ze werken, wat ze (nog niet) kunnen en wat dat voor hun eigen leven betekent.” Tijn: “Waar veel steden nog experimenteren achter gesloten deuren, kiest Den Haag er bewust voor om technologie in de volle openbaarheid te testen; niet abstract of elitair, maar juist laagdrempelig, mensgericht en van directe waarde voor de stad en haar inwoners.”
Het publieksprogramma is dan ook breed opgezet. “Bezoekers kunnen live wedstrijden volgen tussen internationale teams, robots van dichtbij ontmoeten en in gesprek gaan met de makers”, vertelt Inge. “Daarnaast zijn er demonstraties van uiteenlopende toepassingen: drones die inspecties uitvoeren aan de pilaren van de Pier, robots die helpen bij het schoonhouden van de boulevard en het strand en zelfs een barista-robot die ondersteuning biedt bij een strandpaviljoen. Teams krijgen meerdere testmomenten en een finale run, waarbij niet perfectie maar functioneren onder echte omstandigheden telt. Juist door wind, zon, zand en publiek te trotseren, wordt zichtbaar hoe ver de technologie is én waar ze nog moet leren. Dat maakt de competitie niet alleen spannend om te volgen, maar ook begrijpelijk en relevant voor het publiek dat ziet hoe robots concrete problemen kunnen oplossen in hun eigen leefomgeving.”
Jong geleerd
Bijzonder is de aandacht voor kinderen en jongeren. Speciaal voor hen zijn er gratis toegankelijke workshops, zoals het bouwen van robots met LEGO en kennismaken met drones. “Als je het zaadje jong plant, kan het later uitgroeien tot interesse in techniek”, zegt Inge. “En juist meisjes willen we laten zien dat technologie óók hun wereld is. Ook scholen worden actief uitgenodigd. Op woensdag 13 mei is er een speciale scholendag, bedoeld om leerlingen STEM - Science, Technology, Engineering en Mathematics - in de praktijk te laten ervaren. Zo wordt de toekomst niet alleen getoond, maar ook samen vormgegeven.”
Inspraak in de toekomst
ERL gaat verder dan techniek alleen. Samen met onder meer De Haagse Hogeschool wordt onderzoek gedaan naar de mening van het publiek. Bezoekers worden bevraagd over dilemma’s rond robots in de openbare ruimte. Die inzichten worden gedeeld met overheden en ontwikkelaars. “De ontwikkeling van technologie stopt niet”, zegt Tijn. “Maar hoe we die inzetten, daar hebben we invloed op. Door het gesprek aan te gaan, houden we regie.”
Voor Inge voelt het persoonlijk. "Scheveningen is een plek waar ik kom om te ontspannen met mijn gezin. Dat we hier nu ook samen aan de toekomst werken, voelt bijzonder. Of je nu techliefhebber bent, student, ouder met kinderen of gewoon een wandeling maakt langs zee: de European Robotics League nodigt iedereen uit om te kijken, mee te denken en zich te laten verrassen.”
De European Robotics League ERL op Scheveningen wordt mede mogelijk gemaakt door de gemeente Rotterdam en de provincie Zuid-Holland. Meer informatie over de ERL is te vinden via www.erl2026.eu. Het publieksprogramma is ook gepubliceerd op www.denhaag.com.
Tekst: Alexander Serban
