
Hoe Arie Tuit van machinist bij de
koopvaardij Engelandvaarder werd
Arie Tuit, machinist bij de koopvaardij, was in de Tweede Wereldoorlog drie jaar van huis. Niemand, ook zijn eigen familie niet, wist waar hij die jaren is geweest. Er deden wel allerlei verhalen de ronde, maar als zijn kinderen – of later zijn kleinkinderen – er naar vroegen, wilde Arie er niet over praten. Kleinzoon Jack de Graaf besloot op onderzoek uit te gaan en kwam er achter dat zijn opa Engelandvaarder was.
Nadat Arie Tuit zijn machinistendiploma haalde in 1939 ging hij varen bij de koopvaardij. In 1943, het jaar dat de Duitsers mannen van 18 jaar en ouder te werk stelden in Duitsland, ging Arie van huis. Hij liet zijn vrouw en drie kinderen achter en zou drie jaar wegblijven. Omdat hij na de oorlog niet over zijn ervaring wilde praten, ging men er van uit dat hij in Duitsland had gewerkt. Willem Tuit, zoon van Arie: “Wij wisten niet beter dan dat mijn vader in die jaren in Duitsland werkte, in een fabriek waar kogels gemaakt werden. Maar er deden ook nare verhalen de ronde. Hij zou met de Duitsers samengewerkt hebben en zelfs het woord collaborateur is gevallen.” Uiteindelijk bleek het tegenovergestelde waar.
Jack hoorde tijdens een herdenking op 4 mei over de rol van de koopvaardij tijdens de oorlog. “Ik kwam erachter dat de Nederlandse regering, die in ballingschap zat in Londen tijdens de Tweede Wereldoorlog, een vaarplicht had ingesteld voor de koopvaardij. Ik begon me af te vragen wat er klopte van het verhaal dat ik kende over mijn opa en ging dingen combineren in mijn hoofd. Ik dacht: 'hé mijn opa was machinist bij de koopvaardij en is in die tijd drie jaar weg geweest. Heeft hij misschien helemaal niet in Duitsland gewerkt, maar heeft hij in die oorlogsjaren voor de koopvaardij gevaren?'”
De Nederlandse koopvaardij speelde een cruciale rol in de geallieerde oorlogsvoering tijdens de Tweede Wereldoorlog. Na de Nederlandse overgave in mei 1940 wordt de handelsvloot ingezet ten behoeve van de geallieerde oorlogsinspanning. Door de invoering van de Vaarplicht wordt de bemanning verplicht om door te blijven varen, met alle gevaren van dien. Tienduizenden bemanningsleden, meestal ongewapend, vervoeren troepen, wapens en munitie over zee. De koopvaardij is de levenslijn voor de geallieerde strijdkrachten, zij zorgen voor een voortdurende aanvoer van mensen, wapens, materieel en voedsel. Maar niet zonder risico. Want op zee is er een permanente dreiging van torpedo’s, mijnen en onderzeeboten. Meer dan 3.400 bemanningsleden komen niet terug: zij zijn omgekomen tijdens de oorlog.
Om er achter te komen of zijn vermoeden klopte, nam Jack contact op met het Nederlands Instituut voor Militaire Historie, een gespecialiseerd kennis- en onderzoekscentrum op het gebied van de Nederlandse militaire geschiedenis. “En wat schetst mijn verbazing? Zijn naam kwam er zo uitrollen. Uit de monsterkaart van mijn opa bleek dat hij in 1944 naar Engeland was gevaren, dus misschien was hij wel een Engelandvaarder. Ik heb toen contact opgenomen met de conservator van het Museum Engelandvaarders in Noordwijk, Jos Teunissen. Ik heb het verhaal uitgelegd en toen ging hij verder spitten. Jos kwam met allerlei aanvullende informatie en daarmee werd dus vanuit twee bronnen bevestigd dat mijn opa formeel een Engelandvaarder was.”
Op 13 september 1944 zette Arie Tuit voet aan wal in Engeland. Niet via de kortste weg, maar na een slopende tocht door bezet Frankrijk. Een route vol Duitse controles, angst en onzekerheid. Hoe lang de reis precies duurde, is onduidelijk: weken, misschien wel maanden. Het moet een reis zijn geweest van schuilen, wachten en steeds weer verder gaan, met voortdurend het risico om te worden opgepakt. Toch bereikte hij zijn doel. Hij werd één van de Engelandvaarders.
Nog geen anderhalve maand later monsterde hij aan als tweede machinist op de motorboot Oosterhaven. Aan de Engelse zuidkust, tussen Torquay en Plymouth, begon zijn oorlogswerk. Het schip maakte deel uit van Operation Neptune, de maritieme steunoperatie voor de invasie van Normandië – een cruciaal onderdeel van Operation Overlord. Zo speelde ook hij, op de golven van Het Kanaal, zijn rol in de bevrijding van Europa. In maart 1946, toen de vaarplicht werd opgeheven, keerde Arie terug naar huis.
Voor de familie betekende deze uitkomst heel veel. Willem: "Daarmee is zijn eer gered. Hij was dus geen collaborateur, maar gewoon een oorlogsheld. Ik ben samen met Jack naar Noordwijk geweest en tot onze verbazing stond zijn naam daar pontificaal als Engelandvaarder. Ik was zo trots als een pauw.” Wat ooit een vaag verhaal was, is nu duidelijk geworden. Jack: "Zijn naam is vastgelegd. Zijn daden zijn erkend. Hij staat geregistreerd als Engelandvaarder, als militair, als een van de mannen die - zonder uniform, maar met evenveel moed - hebben bijgedragen aan de vrijheid van Europa. En zo werd iets dat een vraagteken was in onze familiegeschiedenis, een verhaal om door te vertellen.”
Tekst: Caroline van den Ende
