Afbeelding
Foto: Dick Teske

Raffie de Driver:
van chauffeur tot onverwachte popster

Wat begon als een grap in de tourbus van Goldband, is in driekwartjaar uitgegroeid tot een razendsnel escalerend hoofdstuk in de Haagse muziekscene. Rafaël Roos - Raffie de Driver voor vrienden én inmiddels voor volle zalen - reed jarenlang het land door als chauffeur van de band. Altijd zingend, tot lichte irritatie van de rest. “Maar ik zong overal al. In de auto, op de werkvloer als loodgieter… zingen zat er gewoon in. Nooit aan gedacht dat dit ooit iets zou worden.”

Dat hij überhaupt chauffeur werd, kwam door Milo van Goldband. “Hij vroeg of ik wilde rijden, als gunst. Ik zei: al is het gratis, ik vind het gewoon vet wat jullie doen.” Vier, vijf jaar reed Raffie van kleine kroegen naar gigantische festivalweides. “Van Club EKKO met 300 man tot Rock Werchter met 70.000. Ik zat overal bij, maar zelf zingen? Dat bleef fantaseren.”


Van jongs af aan

Toch is het niet vreemd dat Raffie naar muziek trok. Zijn vader, een bekende baszanger uit de Nederlandse studio- en televisiewereld, sleepte hem van kinds af aan mee naar opnames, repetities en tours. “Iedereen heeft zijn stem wel gehoord: van Pokémon tot Sesamstraat tot Sky Radio. Vroeger liep ik tussen de Toppers-shows en zat ik in studio’s in België. Muziek was overal.” Maar pas toen hij zelf met vrienden ‘voor de grap’ wat ideeën opnam, begon er iets te groeien. “Opeens stond ik op een podium.”


Van Haringfest tot Paradiso

Het echte keerpunt? “Mijn eerste optreden: Haringfest op Vlaggetjesdag bij The Fat Mermaid. Het publiek reageerde zo leuk! En later, tijdens de kick-off van Prinsjesnach in het Hilton Hotel, zeiden mensen: ‘nu boeken, straks ben je te laat’. Dat sloeg nergens op, maar het ging wél zo.” Daarna volgden de optredens elkaar razendsnel op: Skatecafe, Paradiso, Eurosonic. “Paradiso was ziek spannend. Voorprogramma spelen is raar: niemand komt voor jou. Maar we hebben die zaal gesloopt, op de goede manier dan. Ik ben nu zoveel zekerder dan toen.”

Die groei kwam niet uit de lucht vallen. Achter Raffie staat een toegewijd team van vrienden, muzikanten van Goldband, producers en PIP. “Maar het is niet dat er een plan was om een artiest te bouwen. Het begon bij één nummer, één boeking. We werken keihard, iedere dag. En ja, de middelen die we hebben helpen. Het zou stom zijn daar geen gebruik van te maken. Maar de muziek zelf moet wél leuk zijn, anders werkt het niet.”


Onverwachte inspiratiebron

Of Raffie zichzelf al een voorbeeld vindt voor jonge Haagse makers? “Nee joh, daar heb ik nooit over nagedacht. Maar als ik dat kan zijn, dan graag. Den Haag heeft zóveel acts die inspireren. Als Goldband het landelijk kan, waarom zou jij dat dan niet ook kunnen?”

Raffie relativeert veel. Tot het onderwerp komt waarover hij niet veel controle heeft: zijn diagnose MS op 29-jarige leeftijd. “Een stagiaire bracht het nieuws”, zegt hij droog. “Tik tik tik… ‘ja, je hebt MS’. Ik dacht: wat? En zij keek naar de neuroloog alsof ze iets fout had gezegd.” Het leven veranderde ingrijpend. Zijn lichaam werkt anders, valt hem soms letterlijk tegen. “Optredens zijn bitterzoet. Ik kan niet springen, niet rennen. Soms sta ik te zingen op een kruk. Na een half uur ben ik gesloopt en toch doe ik het, want waarom niet? Het heeft me juist geleerd vaker ja te zeggen. Wat heb je te verliezen?” Tegelijk wil Raffie dat anderen zien dat beperking geen einde hoeft te zijn. “Ik hoop dat mensen die ziek zijn of iets hebben, zien dat je nog steeds leuke dingen kunt doen. Ik heb een nieuw lichaam gekregen, zeg ik wel eens. Je moet opnieuw leren wat werkt.”


Naar België en verder

Wie denkt dat Raffie het met zijn feestelijke, toegankelijke, volkse pop met humor, warmte en een rauwe Haagse charme het rustig aan doet, heeft het mis. Lente 2026 staat voor hem in het teken van een EP-release én een reeks grote shows in België, begeleid door een twaalfkoppig orkest. “Ik weet niet of ik zenuwachtig moet zijn, denk het eigenlijk wel”, lacht hij. “Ach, we zien wel.” Daarnaast komt zijn eerste eigen grote show eraan, 4 april in poptempel PAARD in Den Haag. “Thuis, vrienden, familie, vaste fans… ik kijk daar zó naar uit.”

En Scheveningen? Dat is inmiddels zijn veilige haven. “Ik ben half Portugees, strandmens. Hier voel ik rust. Mijn favoriete plekje is bij de watertoren. In de zomer zit ik daar, boekje, jointje, sudoku, muziek. Uurtje zon, niemand die me ziet. Dat is thuis.”

Niks missen van Raffie? Volg hem op Instagram @raffiededriver.


Tekst: Alexander Serban

Afbeelding